Eva Gerlach (De Arbeiderspers) en Roland Jooris (Querido) geselecteerd voor de Herman de Coninckprijs 2017 voor beste dichtbundel

Gepost op Gepost in Nieuws

Eva Gerlach, Roland Jooris, Hannah van Binsbergen, Peter Verhelst en Nachoem M. Wijnberg zijn de vijf dichters die kans maken op de Herman de Coninckprijs 2017 voor de beste dichtbundel.

Op dinsdag 24 januari 2017 wordt de prijs uitgereikt op een feestelijke avond in de Antwerpse Arenbergschouwburg, met de steun van de Provincie Antwerpen.

De vakjury van de 11de Herman de Coninckprijs wordt voorgezeten door Jeroen Dera (letterkundige Radboud Universiteit Nijmegen) en bestaat verder uit em. prof. Hugo Brems, Laura de Coninck (journaliste en beeldend kunstenaar), Cathérine De Kock (redactrice cultuur & media De Standaard), en Saskia Scheltjens (Head Research Rijksmuseum Amsterdam).


Eén gedicht uit elk van de vijf genomineerde bundels maakt kans op de Herman de Coninck Publieksprijs voor het mooiste gedicht. Iedereen kan online zijn stem uitbrengen. Het gedicht met de meeste stemmen komt op een mooie poster, vormgegeven door Herman Houbrechts. Je krijgt de poster op Gedichtendag, donderdag 26 januari, gratis in de deelnemende boekhandels aangeboden.
Je vindt de stemfolder met de vijf gedichten en bijhorende leestips in boekhandels en bibliotheken. De stemcampagne op www.boek.be loopt van midden januari tot 20 januari en verloopt in samenwerking met Radio 1 en Canvas.


Over Eva Gerlach:

Zonder twijfel is ‘helderheid’ een van de opvallendste kenmerken van Gerlachs gedichten. Toch blijft er in deze poëzie altijd iets te raden over, wat de verdienste is van de subtiliteit van Gerlachs stilistische repertoire. Juist door de bijzondere combinatie van helderheid en mysterie blijft de bundel Ontsnappingen lang spoken in het hoofd van de lezer – temeer omdat het hier poëzie betreft die de gruwelijkheden van oorlog weet te vangen vanuit een kinderlijk perspectief dat nooit sentimenteel wordt.

Over Roland Jooris:

In een tijd waarin Nederlandstalige poëziebundels steeds voller worden, durft Roland Jooris nog minimalistische gedichten te schrijven waarin de taal tot op het skelet wordt uitgepuurd. Weinig dichters verstaan de kunst van de weglating zo goed als Jooris. Bovendien bewijst Bladgrond dat abstractie en ascese hand in hand kunnen gaan met aandacht voor het dagelijkse en het aardse. Juist daardoor bereikt deze sobere poëzie grote existentiële diepten, die op hun beurt aanzetten tot reflectie.